Live recensie: Dranouter Festival

Eens onbekend, nu zeer bemind

Toen ik onlangs een avondwandeling maakte aan de Noordzee viel mijn oog op een affiche van Dranouterfestival. Hoewel dit een befaamd en kwaliteitsvol festival is, had ik er tijdens mijn jonge leven om een obscure reden nog nooit aan gedacht het eens te bezoeken. Toen ik het programma voor zondag 4 augustus zag, besloot ik dat het dit jaar tijd was voor een persoonlijke primeur. Ik trommelde een vriendin op en vol enthousiasme trokken we samen naar de Westhoek.

Nadat we ons tentje in twee seconden hadden opengegooid, op een plek met frontaal zicht op koeien, zetten we de pas in naar het terrein. Daar leek het mij verdacht rustig en dunbevolkt… Al snel ontdekten we de oorzaak van deze rust: al het volk had zich verzameld in de tent ‘Club’ voor de voorstelling ‘Hier is wat ik denk’ van Wouter Deprez. De Geluwse comedian nam inderdaad geen blad voor de mond. Hij goochelde met voorbeelden van Vlaamse burgerlijkheid en stelde alle zekerheden van zijn grootvader het keuterboertje in vraag, die als levensmotto had, ‘tè wat dat è’ (het is wat het is). Na het nodige gegrijns en gegrinnik zette het festivalvolk zich in beweging richting het grasterrein voor een natje en een droogje.

Staaltje Touareg-rock

Wij besloten in de tent ‘Kayam’ de groep Tamikrest te gaan uitchecken. Al bekend met de muziek van Bombino, wilden we ook dit staaltje van Touareg-rock niet missen. Hun muziek kan omschreven worden als een mengeling van woestijnblues, rock en reggae. Zanger-gitarist Ousmane Ag Mossa deelde het podium met zijn zeskoppige band, onder wie ook één vrouw die een centrale plaats had vooraan. Allen hadden wijde woestijngewaden en gezichtssluiers rond zich gedrapeerd, wat bijdroeg aan het mysterie. Hun muziek was echt trance-opwekkend door de combinatie van allerlei percussie-instrumenten, bas- en elektrische gitaar en hoge, primitieve vocaalklanken. Het klonk een beetje als gejodel maar dan de Malinese variant. Ousmane benadrukte dat ze met hun muziek ook een politieke boodschap willen overbrengen. Nummers om te onthouden zijn: ‘Outamachek’ en ‘Aratan N Tinariwen’.

Iets te rustig voor een grote tent

Enkele drankjes en noedels later keerden we terug naar deze tent om de Franse zangeres Zaz te gaan bewonderen. De verwachtingen waren hooggespannen. Zaz zette de juiste toon met het vrolijke, energieke nummer ‘On ira’. Ze had het publiek meteen op de hand, ambiance alom. Daarna koos ze ervoor om steeds levendige en meer ingetogen nummers af te wisselen. Zaz pinde zich niet vast op één genre, maar liet zowel jazz, soul, akoestische nummers als typische Franse variétémuziek schallen. Haar schattige, kleurrijke voorkomen en gehuppel waren aanstekelijk. Deze schijnbare onschuld betekent echter geenszins dat haar muziek niet hoogstaand is. Dit was werkelijk grote klasse. Het enige minpuntje was dat sommige nummers iets té rustig waren voor zo’n grote tent, waardoor ze wat van hun pluimen verloren. Grote verwachtingen voor 80% ingelost. Naast ‘On ira’ moet je zeker ‘Je veux’ beluisteren, waarschijnlijk haar grootste hit. Tot op heden, that is!

Performance in het luchtledige

Dan was het de beurt aan Agnes Obel. De blonde Deense pianiste-singer-songwriter liet zich vergezellen door twee andere muzikantes, onder wie celliste Anne Ostsee. Obel, gezeten aan haar zwarte piano, leek te spelen vanop een onzichtbaar eiland: ze maakte amper contact met haar publiek. Haar klassiek gezang leek ook niet helemaal van deze wereld. Zonder te twijfelen aan de artistieke kwaliteit van dit optreden, durf ik te zeggen dat de grote eerste helft van Obels performance plaatsvond in het luchtledige. Pas wanneer ze het bekende nummer ‘Riverside’ inzette, werd het publiek wakkergeschud en maakte de afstandelijke sfeer plaats voor een warmere gloed. Ook de daaropvolgende nummers leken toegankelijker en gewoon beter. Ze eindigde dus in majeur. Al met al heeft Obel er toch geen nieuwe fan bij, wat haar vast niet zal deren.

Bevreemdend spektakel

Tijd voor Vinicio Capossela. Toen ik enkele jaren terug de Italiaanse film ‘Dieci inverni’ zag, werd ik letterlijk betoverd door de soundtrack ervan, ‘Parla piano’. Zo kwam ik in contact met het oeuvre van Capossela, naast zanger ook theatermaker, en van nog vele andere markten thuis. Hier op Dranouter brachten hij en zijn zes muzikanten een unieke show: een project genaamd Rebetiko Gymnastas. Dit hield in dat Capossela z’n Italiaanse nummers combineerde met typische Griekse melodieën. Het zittende publiek kon dit bevreemdende spektakel niet ten volle smaken, deels doordat Capossela in België eerder onbekend is. Mijn vriendin (Griekenlandaddict) en ik (Italiëfreak) gingen echter volledig wild. Mediterraans genot in een tent in Dranouter, moet kunnen nietwaar. Absolute hoogtepunten waren: ‘Scivola vai via’ en ‘Con una rosa’.

Daarna genoten we o.a. nog van de gekke Emir Kusturica & The No Smoking Orchestra en volgde een afterparty tot aan het ochtendgloren. Dranouter, je was eens onbekend, maar nu zeer bemind!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *